Over sfeer en beeldend vermogen.

In mijn huidige werk van de laatste twee jaar, is de figuratie terug. Na een periode van vijftien jaar experimenteren met abstractie, kreeg ik de behoefte meer herkenbaarheid in mijn werk aan te brengen. De abstractie is er nog steeds; mijn beeldkeuze is steeds grotendeels bepaald door abstracte motieven. Ik ben niet uit op het mooie plaatje, wel op een lichtval die mijn onderwerp op een Edward Hopper-achtige manier in het daglicht plaatst.
De laatste tijd oefen ik steeds meer om stedelijke objecten in een meer abstract kader te plaatsen. De laatste ontwikkelingen zijn geinspireerd op de reizen naar Dubai en Abu Dhabi.

Het werk van 2014 toont een meer realistisch karakter terwijl de ontwikkeling nu weer meer gericht is op de wat abstractere maar steeds herkenbare benadering van allerlei objecten en gebouwen. Structuur, ritme, kleurvlakken en sfeer bepalen steeds meer het werk.

Ik probeer steeds mijn ontwikkeling te voeden met nieuwe impulsen en probeer nieuwe invalshoeken uit. Ik zit in die zin niet vast aan het realistische. Als het daarom zou gaan, maak ik wel mooi foto's. Niettemin is de pure abstractie voor mij net iets te extreem; de herkenbaarheid - hoe soms vaag ook - moet er altijd wel inzitten, anders is de kijker naar mijn idee het spoor bijster.