NANETTE SMEETS (1983)

Uit ieder werk ontpopt een niet-bestaand wezen.

De basis is geschilderd waarna lagen materiaal (vaak met ijzerdraad en gesponnen wol) opbouwen tot een huid.
Dit maakt het werk 3D vanuit het platte vlak.

Bij ieder wezen staat het contrast van een zachte binnenkant tegenover hardheid aan de buitenkant centraal.

Een hoornstof genaamd 'keratine' zit in de huid van mens en dier. Als dit verhardt, ontstaan er o.a. veren, haren, nagels en pantsers.

De onderdelen van de wezens worden hierop geinspireerd.

Het wezen kan figuratief of abstract zijn uitgewerkt. Altijd zit er dynamiek in waardoor het suggereert dat het leeft en echt kan bestaan.

aangesloten bij PIT Kollektief